|
ParkEren jaargang 33 nummer 1, april 2005
Een oud boerengezegde luidt: ”Als het groen in het veld ons oog bekoort, houdt april zelden zijn woord”. Dit is nu wel erg van toepassing gebleken. Zomerse dagen afgewisseld met hagelbuien en gure wind geselen het prille groen met daaronder een – zoals Jan Wolkers het noemt – “tapijt van blijdschap” met winterakonieten, vogeltje op de kruk, irissen, scilla’s, boshyacinten, narcissen en speenkruid. Het park staat te popelen om de lente weer te omarmen. Wat heeft nu popelen, populier en volk met elkaar te maken? Het woord popelen betekent volgens het woorden boek “hevig verlangen, of in spanning verkeren”en slaat inderdaad op het geslacht populier of populus. Het populierenloof is immers altijd hoorbaar en nooit in ruste, zelfs niet bij windstil weer. Tweeduizend jaar geleden gaven de Romeinen deze boom de naam popel of peppel omdat het ze deed denken aan het geroezemoes van het volk (populus) in de straten van Rome. Van de 10 soorten en 60 cultuurvariëteiten die er in Nederland gekweekt worden, zijn er slechts 2 inheems: n.l. de ratelpopulier (P. tremula) en de zwarte populier (P. nigra), die van nature in het rivierengebied thuis hoort. De peppel is de snelst groeiende boom van ons land. Hij kan makkelijk 30 m hoog worden en kent vele verschijningsvormen. Van slanke zuilvorm (Italiaanse populier) tot breed uitgroeiend (Canadese populier), met kromme, ruwe stam zoals de witte abeel, met brede losse kroon en grauwgroene stam en zilvergrijs blad zoals de grauwe abeel, of de sterk geurende balsempopulier. In Nederland is de populier aangeplant als landschappelijke aankleding en voor de productie van hout, papier, fineer, vezelplaat en pallets. Nadeel van de snelle groei is het zachte, rotgevoelige hout, waardoor de boom na 30-50 jaar moet wijken voor duurzamere soorten als linde, kastanje of eik. Berucht is de populier door het opdrukken van wegen en funderingen en het uitwaaien van dood hout; maar wat is het mooi als de knoppen gaan schuiven in fris tot bronsgroene tinten of een tapijt vormt van mannelijke roze katjes. Gelukkig staat er in ons park nog een hoogbejaarde, maar vitale knaap die hopelijk nog jaren mee kan. Afgelopen winter is weer een aantal gevaarlijke bomen gekapt en vervangen door o.a. een zuileik, lampionboom en ratelpopulier. Een oude linde nabij de vijver is verwijderd vanwege windworpgevaar. Op deze plek heeft op 16 maart tijdens de Nationale boomfeestdag, burgemeester Meijdam van Zaanstad een nieuwe koningslinde geplant in het bijzijn van enkele schoolkinderen en het bestuur van de Vereniging. Om de goede verstandhouding met het gemeentebestuur te onderstrepen en tevens bekendheid te geven aan het park, wordt traditiegetrouw iedere nieuwe burgervader uitgenodigd een boom te planten in het park. Zo plantte als laatste burgemeester van Wormerveer in 1973 M. Hille een beuk, Laan plantte een linde in 1974, Lems een esdoorn in 1981, Ouwerkerk een treurbeuk in 1990, Bruinsma een Amerikaanse eik in 1992 en Vreeman een paardekastanje. Lovende woorden van de burgervader over het bestaan, het onderhoud en beheer van het park, werden beantwoord met een aandenken onzerzijds in de vorm van een jubileumboekje, het beheerplan en een steekschop. In figuurlijke zin is ons park nog een boom ontvallen. Op 21 maart bereikte ons het droevige bericht dat oud-parkwachter G.H. Boogerd was overleden. Gedurende 32 jaar was de heer Boogerd belast met het dagelijks beheer en onderhoud van het Wilhelminapark. Afkomstig uit het boomkwekersgebied Alphen aan de Rijn volgde hij in 1956 de heer G. Heijselaar (’46-’56) op als vijfde parkwachter. Boogerd was een parkwachter van de oude stempel, een gedegen vakman en plichtsgetrouw. Hij introduceerde het loslopend pluimvee, vandaag de dag nog steeds een belangrijke attractie voor de bezoekers. Na zijn pensionering in 1988 vertoefde Boogerd nog veelvuldig in het park als enthousiast lid van jeu de boule vereniging Premier Club de Pétanque. De heer Boogerd werd 81 jaar.
Zoals u van mij gewend bent hierbij de cultuuragenda van 2005: In chronologische volgorde is dat:
Er is dus weer van alles te doen deze zomer! Joh. Gaarenstroom Noot van de penningmeester: Contributie 2005 De bijgevoegde acceptgirokaart dient voor uw contributie van 2005. Minimumbedrag is €5,-, lid voor het leven kost € 100,-. U kunt deze acceptgiro ook gebruiken voor het bestellen van het jubileumboekje “Bewaak dees grond” voor € 10,- of het beheerplan 2004-2010 voor € 15,-. |